Regeling wordt geladen…
Regeling wordt geladen…
Regeling wordt geladen…
Werkt u in een samenwerkingsverband om daarmee een integraal gebiedsplan uit te voeren? Dan kunt u subsidie krijgen.Uw aanvraag beheren
Bron: rvo.nl · laatst gecontroleerd 29 sep 2026
Voor wie? Deze subsidie is voor samenwerkingsverbanden die werken aan integrale gebiedsontwikkeling. Hierbij voert u een integraal gebiedsplan uit om de uitdagingen in een bepaald gebied aan te pakken. U heeft al een samenwerkingsverband gevormd en een gebiedsplan opgesteld. U kunt alleen subsidie krijgen voor activiteiten die nieuw zijn voor uw samenwerkingsverband. Heeft u nog geen samenwerkingsverband gevormd of gebiedsplan opgesteld? En wilt u samenwerken voor integrale gebiedsontwikkeling in Overijssel of Utrecht? U kunt daarvoor subsidie aanvragen op Samenwerking Integrale Gebiedsontwikkeling (SIG) Voorbereiding. Samenwerkingsverband Wie er aan het samenwerkingsverband deelnemen, verschilt per provincie: - Utrecht: minimaal 2 landbouwers. - Zuid-Holland: minimaal 3 deelnemers, waarvan ten minste 2 landbouwers en één kennisaanbieder. - Noord-Holland, Overijssel en Zeeland: minimaal 2 deelnemers, waarvan ten minste één landbouwer en één andere deelnemer. Is kennisoverdracht ook onderdeel van het gebiedsplan? Dan moet er ook een kennisaanbieder deelnemen aan het samenwerkingsverband. Andere deelnemers van een samenwerkingsverband zijn bijvoorbeeld: - grondeigenaren - grondgebruikers - landbouworganisaties - natuur- en landschapsorganisaties - provincies - waterschappen - gemeenten - overige natuurlijke- of rechtspersonen Samenwerkingsverbanden in Zuid-Holland In Zuid-Holland kan uw samenwerkingsverband alleen subsidie krijgen als u activiteiten uitvoert in de Zuid-Hollandse Delta. De Zuid-Hollandse Delta bestaat uit de 5 eilanden: - Voorne-Putten - Goeree-Overflakkee - Hoeksche Waard - IJsselmonde - Eiland van Dordrecht Kijk op de website van de provincie voor een kaart van dit gebied.
Aanvraagperiode en budget
Hoeveel subsidie krijgt u? De hoogte van de subsidie is: - a) 40% voor productieve investeringen op landbouwbedrijven - b) 100% voor niet-productieve investeringen op landbouwbedrijven die niet gericht zijn op het watersysteem - c) 70% voor niet-productieve investeringen op landbouwbedrijven, die gericht zijn op het watersysteem - d) 70% voor niet-productieve investeringen op niet-landbouwbedrijven, die alleen bijdragen aan waterkwantiteit - e) 100% van niet-productieve investeringen niet-landbouwbedrijven die niet alleen bijdragen aan waterkwantiteit - f) 80% voor kennisoverdrachtsactiviteiten - g) 100% voor voorbereiding en uitvoering van ruilverkaveling - h) 100% voor het ontwikkelen en beproeven van innovaties - i) 100% voor draagvlakontwikkeling en samenwerkingsactiviteiten Voor het ontwikkelen en beproeven van innovaties (onderdeel h) worden uitvoeringskosten 100% vergoed. Voor investeringen in bedrijfsmiddelen krijgt u 40% vergoed. Deze kosten kunt u begroten onder productieve investeringen (onderdeel a). De 25%-eis in 2026 De begroting bestaat voor het grootste deel uit investeringen: - Minimaal 75% van de totale subsidie: kosten voor onderdelen a tot en met f en h - Maximaal 25% van de totale subsidie: kosten voor onderdelen g en i U vindt hieronder een rekenvoorbeeld. U ziet hierin het gevolg van de 25%-eis. De subsidie voor de kosten van g en i is maximaal 25% van de totale subsidie. In het rekenvoorbeeld krijgt de aanvrager voor deze onderdelen maximaal € 240.000. In dit rekenvoorbeeld houden we geen rekening met het maximumbedrag aan grondkosten en bijdrage in natura of het maximum subsidiebedrag van de regeling.
Open deze regeling vanuit je matches om te zien of je bedrijf aan de eisen voldoet.
Controleer voorwaarden en data altijd bij rvo.nl. Wij beoordelen je aanvraag niet en kunnen geen toekenning beloven.